Politiek van voor de hashtag, 140 tekens en het liken

Gepubliceerd op 15/09/2017
Geschreven door

Ken je die grap van Abraham Lincoln die zegt dat niet alles wat op het internet staat waar is? Voor steeds meer mensen is het leven zonder computer, laptop of smartphone onvoorstelbaar. Over hoeveel jaar weten jongeren niet meer dat het envelopje dat nu als symbool voor je e-mailprogramma dient, vroeger daadwerkelijk werd gebruikt om post mee te versturen en dicht gelikt diende te worden? Of dat Willem Drees en Joop den Uyl niet op Twitter zaten? De herinnering aan hoe anders het leven was voordat het internet bestond wordt steeds vager. En dan kan je je nog wel een vergissen, bijvoorbeeld in Lincolns kennis over het wereldwijde web.

“Ik heb echt niks met computers”. Jakob Bronsema is er stellig over en daar heeft hij ook alle reden toe. Voor het grootste deel van zijn leven was de computer een ‘ver-van-mijn-bed-show’, en door zijn resolute afwijzing van de digitale wereld blijft dat ook nog even zo. Als je 95 jaar bent hoeft een pc in huis namelijk niet meer zo nodig. Toen Jakob in 1922 werd geboren in Spijk, een klein dorpje in het uiterste noordoosten van het land, kon men nog niet bevroeden hoe het jaar 2017 eruit zou zien. En toen hij in 1946 als één van de eersten lid werd van de dan juist opgerichte Partij van de Arbeid kon niemand nog inzien wat het internet was en hoe het onze politiek anno nu zou veranderen.

De wereld was in 1922 nog beduidend kleiner dan nu. Het leven speelde zich af in en rondom het dorp; via postkaarten en brieven werd er op afstand meegeleefd met verdere verwanten. De provinciale weg die Spijk nu verbindt met Delfzijl was er nog niet. Om de trein vanaf daar te pakken naar Groningen volgde je een kronkelige weg die tussen verschillende kavels door meanderde naar Bierum of Losdorp, waarna je doorging naar Holwierde, dan Uitwierde en uiteindelijk op station Delfzijl aankwam. En hoewel de radio al bestond waren het enkel nog de pioniers die daarmee bezig waren – het zou pas tot 1925 duren voor de VARA werd opgericht om de radio verder te verspreiden onder de bevolking.

In dat niemandsland aan de Eems was Spijk een betrekkelijk groot dorp, waar het christelijk leven de boventoon voerde. De SDAP was er niet vertegenwoordigd; naast de christelijken namen enkel wat liberalen zitting in de gemeenteraad. Ook Jakob werd geboren in een christelijk gezin, maar wel een gezin dat ‘links’ georiënteerd was. Net toen hij volwassen was brak de Tweede Wereldoorlog uit. Tijdens de oorlog dook hij een tijdje onder in Friesland bij de directeur van een zuivelfabriek. “Echte Friezen, echte socialisten waren dat,” vertelt Jakob. Een fijne ervaring had hij er, bij de vrijzinnige mensen. Behalve dan de keer dat hij een uur in de stoomketel moest schuilen vanwege een razzia. Jakob: “Ik krijg er nog steeds de kriebels van”.

Na de oorlog hielp Jakob mee bij de oprichting van de Nationale Volksbeweging (NVB), dat zich tot doel had gesteld om de oude partij- en zuilenpolitiek te doorbreken. Nadat het niet was gelukt een brede progressieve beweging op te zetten, werd de Partij van de Arbeid (PvdA) op 9 februari 1946 opgericht. Jakob was lid van het eerste uur en zette een afdeling op in Spijk. Direct groot werd de partij niet, daarvoor was voor sommigen de stap naar de ‘rode’ PvdA te ver. Als echte doorbraaksocialist, die in zijn jeugd nog op een blauwe maandag lid was geweest van een christelijk historische jongerengroep, was de vraag of een christen wel lid kon worden van de sociaaldemocratische partij goed te beantwoorden. “Als de Jezus-figuur nu zou hebben rondgelopen”, zo zegt Jakob, “dan zou hij links zijn geweest. Daar ben ik stellig van overtuigd”. Zijn ouders vonden het bovendien heel goed dat hij lid werd van de partij en zich vanaf het begin ervoor inzette. In het begin van de jaren 1950 gaat Jakob ook voor de PvdA de raad in. Jakob: “Het campagnevoeren was toen nog vrij simpel; we brachten het lokale blad rond en gingen met de landarbeiders in gesprek. Maar veel intellect was er niet. Het was het platteland”.

Nadat hij zijn vrouw Mentje leerde kennen en met haar trouwde verhuisde hij voor zijn werk als huisschilder naar de Achterhoek. Daar kwam hij in een heel ander milieu terecht. In Neede was een meerderheid van de inwoners voor de PvdA, die dan ook een meerderheid in de raad bezat. Jakob: “Het werk voor de partij werd toen wat uitdagender. Ik organiseerde toen vergaderingen, deed veel aan correspondentie. Je schreef veel en daar was je dan behoorlijk wat tijd aan kwijt, zeker omdat ik alles met de pen deed”. Er was veel belangstelling binnen de afdeling voor de politiek, met een redelijk grote groep mannen dat elkaar regelmatig trof. De vrouwen organiseerden zich via de Rooie Vrouwen. Het ledenwerven gebeurde door huis aan huis te gaan, deur na deur. “Het waren allemaal arbeiders daar, textielarbeiders onder andere”, vertelt Jakob. “Toen ik jaren later nog eens terugging waren de fabrieken gesloten en was er veel nieuwbouw. Het karakter van het dorp was toen helemaal veranderd”. Later werd Jakob opzichter bij een woningvereniging in Nijmegen, waar hij samen met zijn gezin naartoe verhuisde. “Daar hadden opeens de studenten het grootste woord binnen de afdeling”, aldus Jakob. Hij werd minder actief maar stond nog wel eenmaal op de lijst. Jakob: “Tegen die studenten kon ik wat moeilijker op qua praten; hier was toch meer intellect dan vroeger in Spijk”.

Nog altijd is Jakob bij de pinken als het over de politiek gaat, alleen gaat “dat Facebook en Twitter aan mij voorbij, ik volg het gewoon via de krant en televisie”. Hij is lid van de Banningvereniging, waar sociaaldemocratie, levensovertuiging en religie centraal staan. Dat geeft hem meer voldoening dan het volgen van het politieke debat online, is hij van overtuigd. “Het is steeds meer op voetbal gaan lijken; met de politici als spelers op het veld en het publiek dat maar roept en schreeuwt”, aldus Jakob.

Hij bracht het zelf niet verder dan de typemachine. Maar uit die typemachine rolden wel vlammende betogen die op het scherpst van de snede waren geschreven en in verschillende kranten werden gepubliceerd. Als ik hem vertel dat ik via Google een ingezonden brief van zijn hand heb gevonden, is hij zowel verbaasd als gefascineerd. Al het digitale is hem vreemd, maar hij wist wel dat er wat informatie van zijn hand op het internet stond dankzij zijn dochters die hem op de hoogte houden. De brief was hem echter ontschoten, een brief waarin hij vooral de ‘christelijke’ Balkenende verwijt alleen solidair te zijn met de hoge inkomens: “Staat de C van het CDA nog wel voor christelijk?” Dat het schrijven van brieven naar de krant ook vroeger een belangrijk onderdeel was van het politieke debat bewijst de klapper die Jakob er dan bij pakt. Vele lange en kortere brieven die in de loop van de afgelopen eeuw uit zijn pen kwamen, waarin hij onder andere Koos Vorrink kastijdde voor diens houding ten opzichte van Indonesië. Het zijn de Facebook-discussies van een periode vóór het internet – minder vluchtig dan nu en zeker niet minder gemeend.

Zo zijn er nog meer vergelijkingen te maken tussen het heden en verleden. Als we het hebben over de verzuilde kranten, “past de vergelijking met dat nepnieuws van tegenwoordig wel”. Toen werd er ook voornamelijk voor eigen parochie gepreekt. Een Godwin, ofwel een vergelijking met Hitler, zoals dat steeds vaker gebeurt bij Wilders past er bij Jakob echter niet in: “Zo’n vergelijking gaat mank. Het enige dat overeenkomt is dat je niet weet waar je aan toe bent. Je weet niet wat je boven het hoofd hangt”. Wat zekerheid zou de mensen goed doen, ook in hun keuzes. Laat het aan één van de leden die sinds het begin erbij was bij de PvdA om te zeggen dat mensen die van de ene naar de andere partij hoppen ‘geen echten’ zijn. “Als ze weer wat anders horen gaan ze daar weer bij”. Misschien dat meer mensen het aloude Groningse adagium ‘Kop d’r veur’ zouden moeten aanhangen. Of Jakob dan wel vindt dat de partij het goed gedaan heeft de afgelopen vier jaar – zoals zoveel anderen dat misschien niet vinden – is hij duidelijk: “Ze hebben ons door de crisis geloodst en de PvdA-mensen binnen dat kabinet waren allemaal de besten.” En dat voor een partij die ooit werd verweten bestuurd te worden door potverteerders!

Voor ik afscheid neem kijk ik nog eenmaal de kamer rond. Grote boekenkasten boordevol monografieën, biografieën en encyclopedieën. Een oude geluidsinstallatie. De televisie natuurlijk. Een telefoon. Als ik Jakob vertel dat dit alles en vrijwel oneindig veel meer nu in mijn broekzak past, lacht hij. Het enige wat hij mist is een goede sociaaldemocratische krant. Gelukkig ploft binnenkort de Lava bij hem op de mat.

categorieën: Lava 19/3

Contact

Wil jij ook meeschrijven met de Lava? Of heb je een vraag of opmerking naar aanleiding van een column, artikel of andere schrijverij? Neem dan contact met ons op via onderstaande e-mailadres. Voor vragen over de Jonge Socialisten in de PvdA kan je terecht op hun website: www.js.nl.

Lees verder; klik hier…
Copyright 2018 - Jonge Socialisten in de PvdA